Sensor
De sensor in de G1 X is het meest opvallend onderdeel. Daardoor krijg je spiegelreflexkwaliteit in een zeer compacte behuizing. Zoals eerder gezegd is de sensor namelijk nagenoeg even groot als die in een spiegelreflexcamera (1,5 inch). Slechts een fractie kleiner als een APS-C sensor (en Canon's eigen 1,6x crop APS-C versie die net iets kleiner is dan die van andere fabrikanten). Canon heeft ervoor gekozen om wat minder megapixels op de sensor te proppen dan in haar spiegelreflexlijn (namelijk 14,3 megapixels in plaats van 18), waardoor de ruisprestaties vermoedelijk erg goed zullen zijn (de camera gaat dan ook tot ISO 12.800). Canon is overigens niet de eerste fabrikant die een grote sensor in een compactcamera (zonder verwisselbare lenzen) stopt. Al in 2003 deed Sony hetzelfde met de Cyber-shot R1 en vorig jaar deed Fujifilm het al met de X100.

De sensor van de G1 X
Er is wel een opvallende afwijking ten opzichte van de sensor. De verhouding is namelijk 4:3, net als de MFT-sensor van Panasonic en Olympus. Dit is ook een gangbare maat voor compactcamera's, wat mogelijk een van de redenen is geweest om hiervoor te kiezen. Een andere reden is waarschijnlijk dat de lens hierdoor minder breed zou hoeven te zijn als bij een APS-C sensor, wat de compactheid ten goede komt. Wie graag in het 3:2 formaat fotografeert, wat bij spiegelreflexcamera's gebruikelijk is, zal dus wat resolutie verliezen. De sensor heeft een afmeting van 18,7mm x 14mm. Deze is maar liefst 6,3x groter dan die van de reguliere G-serie, zoals de G12. Dat verschil is ongetwijfeld terug te zien in de beeldkwaliteit, het dynamisch bereik en de ruisprestaties. Logischerwijs betekent een grotere sensor ook een kleinere scherptediepte, waardoor eenvoudig groot verschil tussen scherpte en onscherpte kan worden gerealiseerd (scherp portret, onscherpe achtergrond).
NL
BE