Hoe werkt een D-SLR?

Van spiegel tot sensor

Door Jeroen Horlings, zondag 20 maart 2011 20:34


Lamellen

2e fase: ontspanknop indrukken

Zodra je de ontspanknop helemaal indrukt komt de camera pas echt in actie. Het beeld dat op dat moment door de zoeker te zien is, wordt opgevangen door de sensor. Om dat mogelijk te maken klapt de spiegel omhoog, die tussen de lens en de sensor inzit. Vervolgens schuiven de lamellen van de sluiter voor de sensor weg en ‘ kijkt’  de laatstgenoemde dan recht door de lens.

Via de lamellen, die zich openen en sluiten, wordt de juiste belichting (sluitertijd) geregeld. (beeld: Canon)


Lamellen in de lens

Ook de lamellen van de lens treden op dat moment in werking. Terwijl de lamellen voor de sensor ervoor zorgen dat de sluitertijd exact gehaald wordt, bepalen die in de lens de lensopening en dus de scherptediepte. Stel dat je een F2.8 lens gebruikt en op F2.8 fotografeert dan doen de lamellen niets en fotografeer je met de volle lensopening (het meest lichtsterk). Gebruik je F4, F5.6 of meer, dan schuiven de lamellen in elkaar verkleinen ze de lensopening. Ze vormen een gaatje dat steeds kleiner wordt naarmate de diafragmawaarde toeneemt (zie voorbeeldfoto’s). Een kleinere lensopening leidt tot een grotere scherptediepte. Het scherptegebied wordt dan dus groter, wat handig is als je alles scherp wilt hebben (zoals bij een productfoto of landschap). Wil je juist beperkte scherptediepte (zoals bij een portret met sfeervol licht), dan is een grote lensopening gewenst.

Deze foto’s tonen de werking van de lamellen in een lens.

Links de lens op volle opening (F2.8), midden op F5.6 en rechts op F22 (minimale lensopening).



FotoVideo.nu maakt gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid.